|
Krimpen aan den IJssel, donderdag 30 december 2010
Het Menno Ploegertoernooi behoort tot ons cultureel erfgoed, niet alleen van Krimpen maar ook van Zuid-Holland. Het is een onmisbaar onderdeel van het schaakleven in de regio, met een feilloos gevoel voor timing geplaatst tussen twee nog wat grotere manifestaties van ons cultureel erfgoed: Kerstmis en de jaarwisseling.
Alexander Munninghoff (foto Ab Scheel)
Het Menno Ploegertoernooi is natuurlijk ook het gloriemoment van de Grote Vriendelijke Reus van Krimpen - Henk Greevenbosch - die, gedachtig aan het mooie Franse spreekwoord "L'absence est pour l'amour que le vent est au feu. Elle allume le grand et éteint le petit" (voor degenen met alleen Engels in hun pakket volgt de vertaling: ("de afwezigheid is voor de liefde wat de wind is voor het vuur. Zij wakkert het grote aan en dooft het kleine uit") het toernooi nu al 15 jaar opdraagt aan zijn overleden vriend en levenspartner Menno Ploeger. Elk jaar belicht Henk met veel zorg en liefde een facet van Menno zodat ook degenen - zoals ik en vele anderen - die hem nooit hebben gekend een beeld krijgen van een man die als journalist en schaakbestuurder actief was. Dit keer kwam over het voetlicht het minder goed ontwikkelde kortetermijngeheugen van Menno om gezichten te onthouden.
Henk memoreerde ook hoe hij de bekende journalist en schaakschrijver Alexander Munninghoff had gestrikt om mee te doen. Die liet zich dan ook dankbaar in de spotlights plaatsen.
Ik vind snelschaken niet leuk. Maar bij het Menno Ploegertoernooi kun je niet wegblijven. Ik gaf mij dan ook met enige tegenzin bij Henk op. Prompt kreeg ik antwoord met de woorden "met jou erbij kan het toernooi niet meer stuk. Welkom!".
Deze vleierij werd door mij als volgt beantwoord:
"Dit antwoord maakt mij nieuwsgierig naar je reactie naar de andere deelnemers die natuurlijk even welkom zijn als ik en bovendien in grote meerderheid veel beter kunnen schaken. Mocht je mij daarover niet willen informeren dan moet ik je reactie helaas als ongepaste vleierij beschouwen. Ik heb overigens ernstig overwogen om niet mee te doen. Ik ga snelschaken steeds vreselijker vinden naarmate ik langer clubschaker ben en daardoor steeds beter begrijp dat ik nog weinig van schaken begrijp. Maar het Menno Ploegertoernooi is een mooie traditie waar het "gens una sumus", het motto van de FIDE, op de schaakschaal van Zuid-Holland in praktijk wordt gebracht. Bovendien moet het me natuurlijk geen barst kunnen schelen hoe slecht het gaat".
Nu is Henk natuurlijk niet voor één gat te vangen en dus kreeg ik de volgende reactie: "Wie kan er beter een luchtig stukje met een serieuze ondertoon schrijven dan jij? Misschien wil jij wel een verslag schrijven voor de website en OGG? Ik reken op je".
Tegen deze hernieuwde vleierij kon ik niet op. Vandaar dit verslag.
Schaakinhoudelijk is het maken van een verslag van een snelschaaktoernooi onbegonnen werk. Je hebt geen tijd om bij de borden van een ander te kijken en niemand heeft de mogelijkheid om je iets inhoudelijks te vertellen, behalve de droge mededeling hoeveel punten hij of zij al heeft gehaald. Bovendien is snelschaken volgens mij een vorm van masochisme waarover je slechts met enige ingetogenheid kunt praten. Snelschaken is als een tandartsbehandeling met goede verdoving. Je moet wel afzien, maar je merkt er niet zoveel van.
Ik heb aan de hieronder afgedrukte eindstand niet zoveel toe te voegen. De score van de winnaar Marc Timmermans (8,5 uit 9) is natuurlijk fantastisch. Wat verder opvalt zijn de uitmuntende prestaties van de schaakmeiden Naomi Snikkers en Angelique Osinga en de constatering dat Krimpen geen thuisvoordeel lijkt te hebben.
De beste Krimpense prestatie was van Rick Verhoog maar pas op een 15e plaats. Voor de grootste vereniging van de RSB is dat toch een beetje mager.

Peter de Weerd
|